Halleluja, een volkstuin!

aardappelbloemenWat ze je niet vertellen bij al die mooie Facebook- en Instagramfoto’s van mooie romantische moestuinen, vol prachtige sierbiet, elegante bonenstaken en rondborstige kroppen sla, is dat je er heel hard aan moet werken.
Vooral het eerste jaar is zwaar, als je de tuin net krijgt en je geen idee hebt welke erfenis er in de grond zit van je voorganger.

Wij kregen onze volkstuin in januari en dan ziet het er lekker prutterig uit, met veel graspollen en nog een hoop achtergelaten koolstronken. Het hek lag half op de grond en de afrastering aan de zijkant was heel rommelig. De buren op de tuin gaven de tip: “Zorg voor een lekker plekje om te zitten en ga dan stap voor stap aan het werk, het eerste jaar is het zwaarst. Maar zorg dat het leuk blijft”.

Vol goede moed begonnen we aan ons avontuur,, dus we wilden eerst een nieuw hek, zodat het er weer een beetje netjes uitziet. Na een paar weekenden zagen en timmeren bij ongeveer 5 graden stond er een hek dat in het oog der timmermannen waarschijnlijk niet door de beugel kan, maar we zijn er zelf blij genoeg mee. Daarna sjouwden we met tegels, die al overal in de tuin lagen als paadjes in allerhande grillige vormen. De grond was lekker zacht, dus de tegels lagen al snel op een rij naar achteren zodat we makkelijk bij het vervallen schuurtje konden komen zonder weg te zakken in de klei.  In de tussentijd kwamen er wat persoonlijke situaties die aandacht vereisten en de tuin kreeg wat minder tijd. Maar in maart gingen we met goede moed weer verder met het weghalen van de graspollen. Want dan hebben we de grond mooi schoon en kunnen we fijn gaan zaaien.

Dachten we.

Want toen werd het warmer en kwam de grond geheel tot leven. De moed zakte mij toen in de schoenen. Overal kwam braam, zevenblad, heermoes, nog veel meer gras, ladingen brandnetels en niet te vergeten grote pollen lavas omhoog. Terwijl we aan de ene kant de boel onkruidvrij probeerden te maken, sprong aan de andere kant alle onkruid in bloei. Vooral het gras kan er geen genoeg van krijgen. Dus met zere ruggen van al het onkruid weghalen zien we het zaad van het gras rondvliegen, terwijl het zevenblad na 4 x schoffelen weer terugkomt. Kruipboterbloem en haagwinde kwamen daarna nog even vertellen dat ze toch echt sneller konden groeien dan de schattige zaailingen uit mijn vensterbank.

En dan moet de grond nog verbeterd. De heerlijke zompige klei van de winter werd in het droge voorjaar een harde betonlaag waarin het niet meer lukte om de graspollen weg te halen. De tuinklauw kwam niet meer in de grond. Zodra het geregend had, gingen we met zakken compost, houtsnippers, stro en potgrond aan de slag om de grond bewerkbaar te maken, meter na meter.

Bij het schuurtje ligt onder een dikke laag onkruid zowaar een stenen plaatsje waar we kunnen zitten en de buren benadrukken nogmaals: “maak een fijn plekje en neem de tijd voor de rest.” Ja ja, geen tijd, we moeten aan de slag, want het moet af, de tuin moet netjes.

220 m2 tuin lijkt dan een voetbalveld groot!

Vaak verzuchtend en regelmatig tierend (vooral ik, Tim bleef er wel in geloven) gingen we verder. Stap voor stap, beetje bij beetje kwamen er gewenste planten in de grond. Bomen en struiken werden gepland. Er bleken ook heerlijke rabarberplanten te staan en dat was ook onze eerste oogst.  De eerste stukken grond waren goed zacht en op de door het complex aangewezen plek werden de aardappels gepoot.  Want de zomer is maar kort en we moeten snel zorgen dat in april en mei alles de grond in is, zodat we de rest van de zomer kunnen oogsten.  Veel te snel en veel te veel. Onze lijven gaven aan: en nu rustig aan. Het neigt teveel naar onbetaald werk in plaats van lekker hobbyen. Eigenlijk ben ik er dan wel klaar mee, ondanks dat de eerste kroppen sla geoogst worden.

Er blijkt een heel aardbeienveldje te liggen, overwoekerd met boterbloemen. Na een aantal avonden flink pollen uit steken komen de aardbeienplantjes tevoorschijn. Flinke laag stro eromheen en dan maar afwachten of er nog aardbeien aan komen. Hoe oud zijn die planten?  En ja hoor, ze beginnen flink te bloeien. Een eindje naar achteren leg ik een aardbeienveldje aan met nieuwe stekken, zodat we zeker zijn van verse aardbeitjes.  De frambozen komen op, de bessenstruiken lopen uit en we blijken een vlierstruik op eigen terrein te hebben. De appelbomen slaan aan en de hazelnoten komen goed in het blad. Doperwtjes en de pronkbonen hebben de slakkenaanvallen overleefd.

En dan krijg ik er eindelijk een beetje lol in, ondanks dat alles, en dan ook echt alles, opgevreten wordt door de slakken.  Langzaamaan komt het gewenste paradijsje naar de oppervlakte. Nog steeds voornamelijk moestuinerig en weinig romantisch, maar dat komt wel. We eten sla, spinazie (die na twee keer oogsten gezellig in de bloei schiet omdat het veel te vroeg gezaaid is) en de eerste bietjes zijn geoogst. Het is nu juni 2016 en de afgelopen dagen keken we vanaf onze stoeltjes naar het resultaat tot nu toe en we zijn tevreden. Er moet nog heel veel gebeuren, er zijn nog heel veel plannen uit te voeren. Maar dat gevoel van teleurstelling, wat ik in maart/april had, dat is weg.

En 1 ding weet ik wel: het begint nooit met een mooi schoon stukje grond waar je alleen nog maar een voortje in hoeft te trekken om de zaaisels in te doen. Het begint met zwoegen en zweten, met een grond, die je niet kent en die elk seizoen weer iets prijsgeeft wat je meestal niet wenste. Maar we laten ons nu verrassen. Het seizoen is nog lang, we hebben alle tijd. En dat hadden we niet door.

Dus als je beteuterd naar je nieuwe stuk tuin kijken en niet weet waar te beginnen: gewoon ergens beginnen en het komt echt goed. En maak dat plaatsje om te zitten! De buren op de tuinen hebben dezelfde ervaringen, leer van ze. En ga er regelmatig zitten om te zien dat je weer een metertje opgeschoten bent en dat je daar toch weer een krop sla hebt weten te laten groeien.

Ja, absoluut Halleluja, een volkstuin!

Huidige situatie van de tuin:

WP_20160612_11_18_21_Pro

aardappelbloemen

Gepriegel met plantjes

Mooi tekenen kan ik niet, mijn handschrift is net leesbaar.

Maar gepriegel met plantjes, daar kan ik wel geduld voor opbrengen. Misschien omdat ze leven, die kleine zaailingen. Goed voor ze zorgen, met hun worteltjes in fijne grond waar ze alles vinden om groot te worden. Iets leukers is er bijna niet.

Natuurlijk gaat er regelmatig van alles mis: te snel naar buiten waar het opeens toch weer te koud en te nat is.  Windvlagen, die de zaailingen met bakje en al door de tuin blazen. Maar als ze dat overleven en de grond is warm genoeg, dan mogen ze in de tuin. Dat geldt zowel voor de sier als voor de moestuin.

Ik ben nogal slecht in het onthouden waar ik wat heb neergezet, dus dat leidt meestal tot verrassingen: planten die nogal dicht op elkaar staan of qua kleur niet helemaal volgens het kleurenschema bij elkaar horen. Maar ik vind eigenlijk alle kleuren bij elkaar wel mooi, stoort het nooit. Als ze dicht bij elkaar staan, steunen ze elkaar vaak ook goed. En anders verplaats ik ze voorzichtig alsnog ietsje verderop.

Maar nu zitten we nog in de fase van bakken vol kleine plantjes.  Zo moeten deze kleine friemeltjes

zaailing fazantenbes

uitgroeien tot prachtige struiken: Fazantenbes

fazantenbes

Voor de moestuin staan de jonge bietjes, koolrabi, zonnebloemen, bleekselderij, pompoenen en afrikaantjes al klaar in de bakjes. De Oost-Indische kers is net gezaaid.

zaailadder

Ongeduldig als ik ben heb ik de pronkbonen al voorgezaaid. Wat zo goed ging dat ik nu met veel te grote planten zit. Nog niet eerder had ik deze bonen en je ziet ze gewoon groeien. Dus heb ik de planten getopt in de hoop dat ik daarmee, net als bij de sierplanten, stevigere planten maak, die meer zijscheuten aanmaken. Geen idee of dat werkt bij stokbonen, maar gelukkig heb ik nog een half zakje om straks in de koude grond bij te zaaien. De planten mogen overdag naar buiten om af te harden. Maar ’s nachts gaan ze naar binnen om te voorkomen dat ze te koud staan.

pronkbonen

Morgen gaan we weer naar de moestuin om ladingen onkruid te wieden en de jonge plantjes een plekje te geven.

 

Moestuin, romantisch? Of een wedstrijd?

Nu het tuinseizoen weer begonnen is staan bladen en social media vol met (moes)tuin items. Mijn beeldscherm wordt gevuld met jong groen van de mooiste zaailingen en plantjes en zij die een kas hebben, oogsten al de eerste sla en radijsjes.
Wie heeft de eerste zaailingen, wie heeft de eerste plantjes? Wie kan het eerste oogsten en bij wie ziet de tuin er het weelderigst uit? Je moet bijna wel een professionele teler zijn, als je erbij wilt horen.

Inclusieve tuin in Appeltern
Inclusieve tuin in Appeltern

Pittoreske buurtmoestuinen, waarin buren samenwerken aan een eetbaar plaatsje groen tussen de huizen en waar jong en oud gezellig samen komen om te oogsten en te feesten. Volkstuincomplexen waar het een drukte van belang is met jonge mensen, die allemaal hun grond bewerken zodat hun kinderen fijn doperwtjes kunnen oogsten en worteltjes rechtstreeks uit de grond kunnen eten. De romantiek van het tuinieren is op papier en beeldscherm groter dan in werkelijkheid. De meeste mensen moeten het doen met hun eigen tuintje of balkon en leuk samen tuinieren, tja, je hebt de buren amper gezien in de buurtmoestuin afgelopen jaar. De volkstuin blijkt een rommelige hoeveelheid schuurtjes en kasjes en je ziet er alleen oude mannen lopen.

De AH moestuintjes staan bij veel mensen te verpieteren in de vensterbank, omdat je geen idee heeft wat je ermee moet doen nadat de zaadjes ontkiemd zijn. Vensterbanken vol bakjes en als alles opkomt in huis, dan blijkt dat er buiten eigenlijk net iets te weinig plek is voor al die ruimte eisende groenten.  Als je de jonge groenten gezellig in potten op je terras zet, blijken die potten elke dag om water te vragen, ook als je een weekendje weg wilt. Terug van een paar dagen Texel blijken de planten in de felle voorjaarszon met een beetje nachtvorst als verlepte oudjes in de potten te hangen. Op vakantie moet de oppas niet alleen op de katten letten maar ook op de tientallen potten op het balkon, die na een paar buien en winderige dagen in juni, opeens allemaal door elkaar groeien en omgewaaid zijn.

Zelf heb ik geleerd dat alles valt en staat met de tijd die je eraan uit wilt trekken en de ruimte die je hebt.

Een mooie kruidenbak of een paar potten met een groente die je lekker vindt, is vaak al meer dan voldoende. Die vinden altijd wel een plekje. En neem iets wat je kunt beheersen. Een tomatenplant met je eigen geteelde zoete tomaatjes is geweldig, maar vereist een hoop zorg, de juiste plek, beschutting en een hoop vocht rondom de voeten en niet op het blad. Nou, ga daar maar aan staan op je balkon of in je tuin op het noordoosten. En dat geldt ook voor komkommer, meloen etc. Leuke planten, maar eigenlijk moet je er een kasje voor hebben. Dus neem planten die tegen een stootje kunnen. Koolrabi en gekleurde snijbiet, veldsla en tuinkers, je kunt er weinig fout aan doen, zolang ze maar genoeg water krijgen.

Natuurlijk moet je alles gewoon proberen, maar bedenk wat je deze zomer wilt doen? Want wie de hele maand augustus lekker op pad is, kan beter groenteplantjes kopen die je in juni en juli al kan oogsten, zoals sla en radijs, spinazie etc. En heb je geen oppas voor de planten? Neem geen moeilijke planten die snel last hebben van te weinig verzorging omdat allerlei insecten ze ook lekker vinden of omdat ze bij een beetje tocht of kou al het loodje leggen.

En mislukt het? Het seizoen is lang genoeg voor de meeste groenten om het nog eens te proberen.  Een paar aardbeienplanten in een bak en een paar tenen knoflook in een pot geven al heel wat voldoening met alleen wat water geven. Je eigen oogst is geweldig. Maar het moet wel leuk blijven.

pompoen en bleekselderij
pompoen en bleekselderij, de een wordt meters lang en de ander vraagt speciale verzorging en aandacht.

 

 

We mogen weer zaaien!

Eindelijk begint het leuke werk weer: Zaaien!  Overal staan bakjes zaaigoed in huis, zodat in mei de plantjes al mooi stevig de tuin in kunnen. Bietjes, pompoenen, koolrabi, bleekselderij, maar ook sla en bonen kunnen al binnen gezaaid worden.

Dus ik ben met zaaigrond aan de slag en bakjes van allerlei herkomst, vooral champignonbakjes en fruitbakjes doen het perfect. Natuurlijk kan ik bij het tuincentrum prachtige grote zaaibakken kopen, maar ik werk al jaren met deze bakjes die ik de winter door spaar. Zo gebruik ik ze twee tot drie keer in plaats van meteen na het leegeten weggooien. En ik kan ze makkelijker kwijt op de vensterbanken. Onderin de bakjes maak ik gaatjes om teveel aan water kwijt te kunnen. Op de dekseltjes schrijf ik wat er in zit en dan plak ik de dekseltjes met   een plakbandje zachtjes vast. Als de zaailingen opkomen zet ik de dekseltjes steeds iets verder open zodat ze goed omhoog kunnen groeien.

Ik gebruik maximaal de helft van het zaaigoed, zodat ik een reserve heb voor als het mislukt of om later extra buiten bij te zaaien.

Elke dag controleer ik of de zaaibakjes nog vochtig genoeg zijn en dan geef ik ze voorzichtig water zonder de jonge zaailingen omver te spoelen. Maar niet te vochtig, want dan beschimmelt de aarde en gaan de plantjes dood. En dan wachten, geduldig wachten, blij zijn met de eerste groene puntjes boven de grond.

Zaaibakjes 1   Zaaibakjes 2

Moestuinwerk in januari en februari

Gelukkig is het een zachte winter, zodat er al flink wat werk aan de tuin verricht kan worden.

Met zoveel ruimte in de tuin is er ook plek genoeg voor wat laagstam bomen en struiken.

Dus hebben we 3 appelbomen gekocht, na grondig onderzoek naar welke appelsoort in een kleine tuin past en welke bomen elkaar goed bestuiven. Het zijn de Elstar (lekkere kleine zoetzure appeltjes), James Greeve voor zijn lange bloesemtijd en goede bestuiving en Rosette, een nieuw ras met rood vruchtvlees.  Voordat we de bomen plaatsten hebben we eerst wat potgrond in het plantgat gestrooid, zodat de boom het een beetje makkelijker heeft bij het wortelen.  De grond was goed nat dus extra water erbij was niet nodig. Let op dat de boom niet te diep wordt geplant. Hou de bovenrand van de kluit aan als maximale hoogte, dus niet de stam of entplek onder de grond. De spilvorm bomen die we kochten zijn ongeveer 2 tot 3 jaar oud, dus met een beetje mazzel hebben we dit jaar al wat appeltjes

Daarna hebben we de hazelnoten geplant, ook weer met een flink plantgat met extra potgrond, want we hebben dikke kleigrond en dan help je de planten een beetje met zachte grond om de wortels te laten groeien.

We hebben gekozen voor Webbs Prize Cob, een lekkere makkelijke hazelnoot en de rode Zellernoot met zijn prachtige rode blad. Ze bestuiven elkaar prima.

De hazelaars in het wild staan al in bloei dus ik verwacht niet dat we dit jaar al kunnen oogsten.  Maar de belofte van eigen hazelnootjes volgend jaar maakt het wachten de moeite waard.

Onder de struiken gaan we groenbemesters zoals klavers zaaien zodat de grond bedekt is en de planten en de grond extra voeding krijgen, terwijl onkruid minder kans heeft. Bijen en hommels hebben van de zomer hun eigen weide onder de bomen.

WP_20160202_14_25_50_Pro

 

 

Tuinplannen maken, hoe doe je dat?

Per 1 januari 2016 is het zo ver, dan mogen we aan de slag in onze nieuwe moestuin.

Maar wat gaan we er mee doen? Wat wil ik oogsten?

De tuin is 220 m2 dus we hebben alle ruimte. Maar dat zorgt ook voor luxe problemen. Want ik hoef geen 200 kropjes sla die allemaal tegelijkertijd groot zijn. En aan 100 kilo aardappels hebben we ook iets teveel.

Dus lees ik mij vooral in over hoe ik een basis plantplan kan maken en ga ik op zoek naar informatie over fruitstruiken, appelbomen en hazelnoten. Dat geeft de moestuin structuur en met de ruimte die we hebben kunnen we ook de tijd nemen om bomen en struiken te laten groeien.

Maar eerst gaan we de afrastering repareren en een basis voetpad maken. Een tekening met de afmetingen van de grond op ruitjespapier helpt om de grond en de plannen ermee een beetje in perspectief te krijgen.

Moestuinjan2015

Daarna gaan we de grond schoon maken en zorgen dat we een deel van de grond klaar maken voor het voorjaar.

In de tussentijd bedenk ik welke groenten ik wil zaaien op welke plek. Het is nog een heel gepuzzel want ik wil rekening houden met de zon, de combinatie met de andere groenten er omheen, etc. Ik schrijf alles op in een tuinschriftje zodat ik die grote hoeveelheid informatie niet direct hoef te onthouden.

Na al het plannen maken is het tijd voor wat ontspanning; een bezoekje aan het Rijksmuseum te Amsterdam. En daar valt mijn oog natuurlijk op de stillevens van bloemen, fruit en groenten. Wat een diversiteit. En wat prachtig geschilderd.

Met deze beelden op mijn netvlies wacht ik nog een weekje, dan is het zo ver: de start van de moestuin. Ik ben benieuwd of de tuinplannen in de praktijk ook uitvoerbaar zijn.

wp_20151225_12_08_04_pro

Eindelijk een echte volkstuinder

Voordat ik naar Nobelhorst verhuisde stond ik ingeschreven voor een volkstuintje. Geïnspireerd door een oude vriendin, die altijd enthousiast vertelde over haar volkstuin, de groenten en fruit die eruit kwamen en alle kleine wondertjes die er plaats vonden, schreef ik mij na 2 jaar wikken en wegen in voor een lapje grond. Want ik besefte dat een grote moestuin wel wat anders is dan een bordertje langs je terras. Hard werken en veel leren.

Ik kwam op een wachtlijst, want in de tussentijd werd een volkstuintje superhip en wilde iedereen verse groenten uit eigen tuin. In april 2013 kochten we ons nieuwe huis en werden vlak om de hoek kleine moestuintjes van 8 m2 uitgegeven. Op de dag dat ik het kleine moestuintje huurde, kreeg ik ook bericht dat er plaats was op het volkstuinencomplex. Die tuin heb ik toen afgezegd, want dat was niet meer nodig, ik ging het eerst wel op die 8 meter proberen. Er was weinig animo voor de kleine tuintjes, dus huurde ik nog een tuintje en zo kon ik met mijn 16 m2 lekker aan de slag. Er was net genoeg ruimte voor wat afwisseling en de mogelijkheid om biologisch te tuinieren. Daar heb ik een jaar lang ontzettend veel plezier van gehad. De grond begon eindelijk goed te worden, de opbrengst werd langzaamaan beter. Ik heb er veel van geleerd.


mijn minimoestuintje

Maar zoals dat gaat: de wijk groeide en er ontstond er toch een wachtlijst voor de moestuintjes, zodat ik 1 tuintje inleverde om anderen ook de kans te geven om te tuinieren. Maar dat werkte niet, die 8 meter was ik allang ontgroeid. De grond raakte veel te snel uitgeput en wisselteelt was al helemaal niet mogelijk. Dus bedacht ik dat het toch ook mogelijk moest zijn om een echt volkstuinencomplexje op te richten in de buurt van Nobelhorst, wat een dorps karakter moet krijgen.

Wat is een dorp zonder volkstuinen? Er was ook animo van andere buren, dus samen met een buurvrouw bedachten we een idee voor de moestuinen.

Ik belde de gemeente met de vraag hoe ik dat moest aanpakken. Al snel volgde er een leuk gesprek met een mevrouw, die mij adviseerde om er ook andere partijen bij te betrekken en zo een goed stevig plan te maken. En zij zag zeker mogelijkheden en zou de juiste mensen inschakelen bij de gemeente om een mogelijke plek te bepalen.

En dat lukte: een bestaande volkstuinvereniging wilde het beheer en administratie wel op zich nemen en in een tweede gesprek bij de gemeente bleek dat er ook wel wat mogelijkheden waren als we maar geen definitieve plek eisten. Er lagen nog ergens bij de gemeente wat ongebruikte hekken en wellicht konden we een stukje wijkbudget aanboren voor een pomp op het nieuwe complexje. Op dat moment dacht ik echt dat het zou lukken. Het was een kwestie van tijd en van de puntjes op de i.

Het zouden 10 moestuinen van 100 meter worden voor 5 jaar. We zouden na 4 jaar horen of we er konden blijven of niet en dan zouden we eventueel moeten verhuizen. Dat is smalle basis om mee aan de slag te gaan, maar als de gemeente ons wil helpen om na die 5 jaar elders een nieuwe plek te krijgen, dan is het de moeite waard. Dat wilde men echter niet toezeggen zodat de vereniging zich terug trok. Vanuit de nieuwe bewoners was er wel animo, maar niet om veel energie en geld te steken in iets wat je na 5 jaar weer mag opruimen zonder enig vooruitzicht daarna. Opeens bleek ook de grond toch al een bestemming voor toekomstige woningbouw te hebben, wat eerder niet het geval was. Toen heb ik het plan stopgezet.

Maar dan ben je een jaar verder en een illusie armer. En heb ik nog steeds niet de gewenste moestuin.

Ik heb mij opnieuw weer ingeschreven op de bestaande volkstuincomplexen. Maar overal zijn wachtlijsten, terwijl je handen kriebelen. Als je in het najaar al kunt beginnen, heb je een voorsprong in het voorjaar. Ik merkte dat ik steeds ongeduldiger werd.

En opeens kwam daar het bericht: er komen een paar tuinen vrij, je kunt komen kijken of je het wat vindt…

Het voelt nog onwerkelijk, gaat het dan echt gebeuren? Maar ik ben er zeker van: ik krijg nu mijn volkstuin!

In de categorie “uit de moestuin’ hier op de Tuinkamer van Almere houd ik je op de hoogte over mijn pogingen 220 m2 grond om te zetten naar een fijne plek, die  groenten, fruit en wie weet wat meer oplevert.

In gedachten zie ik mijn oude vriendin, met haar zwarte voeten van de aarde en haar grote grijns en in haar handen een lading verse groenten. Zij is er niet meer, maar haar enthousiasme neem ik opnieuw mee in mijn nieuwe tuin.

moestuin-appeltern

Gezonde planten helpen elkaar een handje.

Nu de dagen steeds korter worden en in mijn moestuintje de grond eindelijk de verdiende rust krijgt, ben ik al bezig met de zaaiplannen voor 2016. Ik probeer groente en fruit te kweken wat in de winkels duur is of niet zo lekker als uit de eigen tuin. Of gewoon omdat het leuke groente is. Sla is bijvoorbeeld veel lekkerder uit de eigen tuin. Terwijl de verschillende bessen supergezond zijn, maar ook behoorlijk prijzig, zelfs als er overvloed van is in de oogsttijd. En mijn Peruaanse Aardpeer koester ik als een kleinood, omdat hij lekker is en weinig voorkomt.

Maar om al die planten zo gezond mogelijk te laten groeien, maak ik gebruik van de plantcombinatie lijsten die op het internet te vinden zijn. Er zijn verschillende, de ene nog uitgebreider dan de ander. In de basis zijn ze wel hetzelfde.

Geen idee of het ook wetenschappelijk bewezen is, maar ik geloof in de samenhang tussen verschillende planten. De stoffen van de ene plant houden de aaltjes uit de buurt van de wortels van de andere plant. De geur van sommige planten verleiden rupsen, zodat ze weg blijven bij de kolen

Zo versterken de planten elkaar en groeien ze in harmonie naast elkaar. Ik geloof niet in monocultuur, hele rijen van dezelfde soort naast elkaar, waardoor ze vatbaar worden voor ziekten. Ik gebruik nooit gif. Door planten te combineren heb ik weinig groenten verloren in de tuin aan ziekten en insectenplagen.

De bijgevoegde lijsten met plantinvloeden en plantcombinaties vond ik vooral in de wereld van de permacultuur, maar ook de wat meer conservatieve telers bevestigen de plantinvloeden. Deze lijsten heb ik dus niet zelf gemaakt, maar de makers hebben ze vrij gegeven voor verspreiding mits dit met respect gebeurt en de inhoud ervan niet zomaar wordt gewijzigd, terwijl hun naam erbij staat.

Hopelijk heb je net zoveel plezier van de plantenlijsten als ik. Laat je weten welke combinaties een succes waren?

plantencombinatielijst

Plantinvloeden

De toekomst in eigen hand

oorspronkelijk bericht: 23 augustus 2015

Terwijl vele planten nog extra serenade geven met hun bloemen, is het goed om alvast na te denken over volgend jaar. Staat alles waar het moet staan? Misschien verplant ik ze nu alsnog om te zorgen dat ze de warme grond tot en met het najaar kunnen gebruiken voor het aanmaken van nieuwe wortels. Ik vind het moeilijk om goed te weten of de planten op hun juiste plek staan. Komen formaat, kleur en zelfs geur overeen met wat ik in mijn hoofd heb? Passen de plantcombinaties goed bij elkaar, versterken ze elkaar?  Geen idee. Met de minimale kennis, die ik heb probeer ik wat en volgend jaar zien we wel weer.

Meestal zijn planten lieve geduldige wezens, die met grond en wat water al snel genoegen nemen. En echt lelijk is eigenlijk geen enkele combinatie. Als opeens paars en oranje door elkaar staan, vind ik het een gedurfd samenspel van kleuren. Zo past alles.

In de tussentijd verzamel ik zaad van de verschillende planten: Venkel, Teunisbloem,  Beker Malva, meerjarige Lathyrus, Koriander, Kaardenbollen, etc. Langzaamaan vullen de plastic zakjes de planken van de kast. Het is een rijk gevoel, al dat zaaigoed. Zelf de toekomst in eigen hand hebben door te zorgen voor nieuwe aanwas. Van die kleine bolletjes, halve maantjes, minuscule zwarte puntjes uit een zaaddoosje, al die nakomelingen!

Er volgt nog veel meer; er moeten ook nog flink wat stekken gemaakt worden, want zaterdag 3 oktober staat de Stekjesruiltafel op de plantenruilbeurs van afdeling Almere van Groei.nl waar ik met het ruilen hoop ook wat andere leuke planten en zaden te krijgen, die ik nu nog niet heb. En daar heb ik dan hopelijk eind volgende zomer weer zaad of stekken van, zodat ook anderen er weer van kunnen genieten. En zo is de cirkel voor de Stekjesruiltafel weer rond.

Zie je in de lijst nu al zaadjes staan, die je zou willen hebben? Wacht dan niet tot 3 oktober, maar laat het mij weten via de facebookpagina de tuinkamer van Almere dan zorg ik dat je een zakje zaadjes krijgt.

eenjarige verbena.org